DE FOREL

De forellen zijn nauw verwant aan de zalmen.

Er zijn in Europa drie ondersoorten: de zeeforel (Salmo trutta trutta), de meerforel (salmo trutta lacustris) en de beekforel ( Salmo trutta fario). Van deze drie is de beekforel de kleinste. Hij brengt zijn hele leven door in snelstromende, heldere bergbeken in de zogenaamde forellenzone. Het water moet koud zijn, zuiver en rijk aan zuurstof. De stroomversnellingen in de bergbeken worden afgewisseld met diepe poelen. De bodem bestaat uit rotsen en stenen of grind. Water dat aan deze kwaliteitseisen voldoen vind je alleen in de bergen, bij de bron van rivieren en stromen. De beekforel heeft een gestreept jeugdkleed; de volwassen vis is blauwgroen met zwarte spikkels. De beekforel is "honkvast " en blijft zijn hele leven in hetzelfde gebied. Hij voedt zich met insecten, wormen, larven en kleine vissen en zijn schuilplaats zoekt hij in kalme, beschutte poelen van de beek.

De zeeforel is aanmerkelijk groter; net als de zalm trekt hij de rivieren op om te paaien. De meerforel komt voor in grote meren; ook hij paait in rivieren, waar de jongen twee tot drie jaar blijven vooraleer ze afdalen naar het meer van oorsprong. Deze soort wordt zo groot als de zeeforel (tot 1 m).

IDENTITEITSKAART

Nederlandse naam: beekforel, zeeforel, meerforel

Wetenschappelijke naam: Salmo trutta fario, salmo trutta trutta, Salmo trutta lacustris

De forel behoort tot de zogenaamde beenvissen (staat in tegenstelling tot kraakbeenvissen als haaien en roggen: hun skelet bestaat gedeeltelijk uit echt been en hun kieuwen kunnen met een "deksel" afgesloten worden.

Familie: zalmachtigen; roofvissen met een vetvin achter de rugvin. Ze komen voor in het noordelijk halfrond, zowel in zoet als in zout water.

Beschrijving: In kleine beken wordt de beekforel vaak niet veel groter dan 20 cm. In grotere stromen bereikt men een lengte van 50 cm en een gewicht van 1 kg. Forellen op de leeftijd van vier, vijf jaar worden zelfs zwaarder.

De zeeforel en de meerforel zijn groter: 80 cm tot 1 m, met een gewicht van 10 tot 15 kg.

OMGEVING

Forellen - ook de zeeforel als hij de rivieren op gaat om te paaien - kunnen alleen leven in zuurstofrijk, helder water. Ze zijn bijgevolg zeer gevoelig voor vervuiling onder iedere vorm, en verdwijnen waar het zuurstofgehalte te laag wordt of de temperatuur stijgt.

Als een rivier of een beek op een bepaald ogenblik geen forellen meer bevat moet dat dus zeker voor een waarschuwing gelden. Bovendien is er gevaar voor verstoring van het evenwicht wanneer prooidieren de rivier overbevolken.

Het forellenbestand wordt bedreigd door overbevissing - vooral dan waar er sprake is van ongeoorloofde manieren van vissen - maar het echte gevaar is vervuiling van het milieu: chemische afval in de rivieren, de luchtvervuiling, de aanleg van sluizen en stuwdammen zonder "zalmtrappen "(aftakking van de stroom langs de dam, waardoor zalmen en meer-forellen stroomopwaarts naar hun paaiplaats kunnen zwemmen), de stijging van de water-temperatuur door het gebruik van koelwater. Deze milieuvervuiling kan alleen aangepast worden door middel van een grondige mentaliteitsverandering en wettelijke maatregelen

SCHADELIJKHEID VAN VERHITTE FRITUURVETTEN

Bij het steeds toenemend gebruik van frituurvetten is het belang na te gaan of het niet tijdig verversen van het vet misschien een nadelige invloed kan hebben omdat met het gebakken product een deel van dit verhitte frituurvet eveneens wordt geconsumeerd. Op verzoek van het Ministerie van Volksgezondheid en Milieu-hygiëne zijn modelproeven gedaan met soja-olie die 40 uur op 220EC aan de lucht werd verhit. Wanneer dit verhitte product in rattenvoer werd verwerkt, traden er duidelijk schadelijke effecten op. Deze effecten waren niet alleen verminderde groei, lager voergebruik en voederrendement maar ook verhoging van het relatieve gewicht van lever, nieren en schildklier. Bovendien traden kleurverandering en microscopische verandering in de lever op.

Wanneer de verhitte olie in fracties werd gescheiden, bleek dat met name de dimere fractie voor de toxiciteitsverschijnselen verantwoordelijk gesteld kon worden. Het onderzoek wordt voortgezet met in de praktijk gebruikte frituurvetten en met model-proeven op het laboratorium waarbij in een friteuse onder gestandaardiseerde omstandig-heden wordt gebakken waarna zowel de gebruikte olie als de verkregen producten toxicologisch onderzocht zullen worden.

DIPSAUSJES

Dipsausjes worden gebruikt ter vervanging van mayonaise en vinaigrette.

Deze sausjes zijn van toepassing bij koude buffetten, lepelhapjes, toastjes, recepties en koude voorgerechten.

Aioli

 

1 bol lookpitten

2 eierdooiers

2 l olie

1 citroen

zout

De lookpitten pellen en pletten. Vermengen met de eierdooiers en het sap van de citroen

tot een homogeen mengsel bekomen is. Monteren met de olie.

 

All round

 

1 ui

1 lookpit

½ groene paprika

250 g mayonaise

2 el. ketchup

pezo

De ui, lookpit en de paprika tot puree mixen (malen). Alle ingrediënten er doorheen roeren.

 

Ananasdipsaus

 

2 schijven ananas uit blik

3 sjalotten

2 el. mayonaise

1 el. citroensap

geraspte schil van 1 citroen

Hak de ananas en de sjalot zeer fijn. Vermeng met de overige ingrediënten.

 

Bagna-cauba

 

½ blik ansjovisfilets

4 el. olijfolie

1 lookpit

1 theel. mosterd

peper

De ansjovisfilets pletten en mengen met de overige ingrediënten.

 

Bananen-kerriesaus

 

250 g halvanaise

150 g yoghurt

pezo

1 theel. kerrie

1 theel. citroensap

100 g bananen

De bananen in blokjes snijden. Alle ingrediënten mengen. Garneren met een schijfje citroen.

 

Gerookte vissaus

 

80 g gerookte sprotfilet

3 el. gehakte dille

125 g roomkwark

2 el. citroensap

De sprot en de dille mixen. Mengen met de overige ingrediënten.

 

Hersensaus

 

Hersenen koken en mixen. Vermengen met mayonaise, gehakte ui en gehakte peterselie.

 

Kaas-paprikasaus

 

200 g smeerkaas

60 g margarine

2 el. gehakte peterselie

2 el. gehakte bieslook

1 el. melk of room

2à3 theel. paprikapoeder

pezo

Kaas en margarine mengen. De overige ingrediënten er doorheen roeren.

1 nacht laten trekken.

 

Kokossaus

 

250 g halvanaise

40 g geraspte kokos

150 g yoghurt

1 el. citroensap

1 à 2 el. mangoketchup

Je kan eventueel kokosmelk gebruiken maar dan verdun je de saus

 

Koriandersaus

 

250 g tomatenpuree.

1 bosje verse koriander

sap van ½ limoen

1 theel. suiker

cayennepeper

pezo

De tomatenpuree opwarmen en de gehakte koriander toevoegen. Laten afkoelen en de overige ingrediënten toevoegen.

 

Kruidensaus

 

1 handvol peterselie

1 bosje verse munt

3 el. citroensap

5 el. olie

1 lookpit

suiker

pezo

Alle kruiden mixen en mengen met de overige ingrediënten.

 

Mierikswortelsaus

 

75 g kwark

75 g zure room

1 theel. mierikswortel

3 el. geraspte komkommer

sap van ½ limoen

zout

Alle ingrediënten mengen.

 

Mosterdsaus

 

1 dl mayonnaise

1 dl ongezoete mosterd

citroensap

mosterdpoeder

De slagroom opkloppen en alle ingrediënten er doorheen roeren.

 

Mosterd-paprikasaus

 

2 eierdooiers

2 theel. franse mosterd

2 theel. paprikapoeder

4 el. wijnazijn

1dl olie

pezo, suiker

Maak een mayonaise en breng op smaak.

 

Muntsaus

 

25 g verse muntblaadjes

1½ dl azijn

25 g suiker

1 mespunt pezo

Hak de munt fijn en vermeng met de overige ingrediënten.

 

Pikante ketchup

 

6 el. ketchup

1½ dl azijn

½ groene paprika

peterselie

suiker

De peterselie en de paprika hakken. Mengen met de overige ingrediënten.

 

Pikante saus

 

2 el. Franse mosterd

3 el. mayonaise

2 el. ketchup

Worcestershiresaus

 

Tomaten-bieslooksaus

 

1 eierdooier

250 g tomatenketchup

1 theel. mosterd

3 el. olie

geraspte schil van 1 citroen

½ bos bieslook

pezo, tabasco

Maak van de eierdooier, mosterd, ketchup en olie een mayonaise.

De overige ingrediënten er doorheen mengen.

De fijn gehakte bieslook toevoegen. Afsmaken met tabasco. of sambal.

Tomatenchutney met rozijnen

 

125 g geweekte rozijnen

1 kg tomaten

30 g look

15 g chilipoeder

10 g gemberpoeder

1½ theel. zout

250 g moutazijn of wijnazijn

250 g suiker

De geëmondeerde tomaten met de kruiden tot pulp koken.

De azijn en de suiker toevoegen en laten koken tot binding.

De rozijnen toevoegen.

 

Tomatendip

 

1 lookpit

1 sjalot

250 g tomatenpuree (karton)

oregano

pezo, suiker

De lookpit en de sjalot hakken. Stoven in olie.

De overige ingrediënten toevoegen en 30' stoven.

 

Tomaten-kerriesaus

 

200 g tomaten

3 el. olie

2 theel. kerrie

200 g tomatenketchup

1 theel. citroensap

1/8 l room

pezo

1 takje peterselie

De tomaten emonderen. De olie, kerrie, ketchup, citroensap en 3/4 van de tomaten onder elkaar mengen. Kruiden met pezo. De room half opslaan en er doorheen roeren.

Garneren met ¼ van de tomaten en de bladpeterselie.

 

Tomaten-paprikacoulis

 

2 tomaten

2 rode paprika's

1 gehakte ui

1 tak peterselie

1 dl water

20 takken koriander

1 koffiel. curry

2 el. rijst

pezo, cayenne

De tomaten en de paprika's emonderen. Alle ingrediënten toevoegen en 25' laten sudderen. Mixen. Smaakt het best warm.

 

Tomaten-sherrysaus

 

200 g ketchup

1 theel. honing

200 g room

2 el. droge sherry

pezo

De ketchup, de honing en 3/4 van de room mengen. De sherry en pezo toevoegen.

De rest van de room er overgieten.

 

Tomatenvinaigrette

 

2 geëmondeerde en geplette tomaten

1 theel. mosterd

3 el. azijn

5 el. olie

pezo

Alle ingrediënten mengen. Je kan olie en azijn dagen of weken ervoor verrijken en

parfumeren met verse kruiden.

 

Yoghurtsaus

 

125 g mayonaise

125 g Bulgaarse yoghurt

1 geraspte appel

1 geraspte ui

sap van 1 citroen

mespunt kerrie

Alle ingrediënten mengen.

 

Waterkerscoulis

 

Wit van 1 prei

1 boeket waterkers

1 dl melk

1 dl water

1 koffiel. rijst

pezo

1 el. dikke room

De prei éminceren en in boter stoven. De waterkers 5' blancheren. De prei, melk, water, pezo en de rijst 25' koken. De room, de waterkers en de prei mixen. Smaakt het best warm.

 

terug